Urbanisatie & Stadscultuur

Ed Taverne

Home Economics (5)

 

 Waar architectuur vandaag echt voor staat

Venice Architecture Biennale 2016 Home Economics

 

Wat bezielt mij om me zo lang en zo intensief bezig te houden met de initiatieven, projecten en vooral teksten van het Londonse ontwerpteam rond architect en theoreticus Jack Self? Het is, denk ik, vooral hun politieke gedrevenheid: de wil om architectuur weer een plaats te geven bij de totstandkoming van de dagelijkse omgeving. De wil om het monopolie van bestuurders, ontwikkelaars en regelgevers te doorbreken en te zoeken naar een architectuur die antwoord geeft op de werkelijke behoeften (programma’s) van het leven van vandaag. En vooral: om weer greep te krijgen op een terrein waar – niet alleen in Engeland –  het ontwerp vrijwel is uitgefilterd: dat van de woningbouw en het sociale woonstelsel.

 

 venice-arch-biennale-home-econmics-self-bosi-and-williams

Huishoudkunde

Of:

vijf voorstellen om op een andere manier met wonen om te gaan.

Home Economics heet de tentoonstelling in het Britse Paviljoen op de Architectuur Biënnale in Venetië van dit jaar. Het is een even koele als indringende uitnodiging om op een andere manier naar wonen en huisvesting te kijken en naar de rol die de architectuur daarbij zou kunnen spelen. Anders dan de titel wellicht doet vermoeden, is de Engelse show in Venetië geen artistieke huishoudbeurs of een introductie op de gezins- en consumentenwetenschap maar focust vooral op veranderende ritmes van wonen, leven en werken. Het concept achter de tentoonstelling is gebaseerd op de radicale (Fulcrum) denkbeelden over de inbedding van het ‘ nieuwe wonen’ (en ‘nieuwe werken’) in de bouw en huisvestingspolitiek, het financiële systeem en commerciële fantasieën over hybride woon- en leefstijlen. Maar het grote verschil met eerdere publicaties is dat Home Economics zich niet exclusief richt op vakgenoten, maar vooral ook het grote publiek fysiek wil laten ervaren wat het wonen vandaag de dag is en zou kunnen zijn.

veneice-arch-biennale-2016-british-p-home-economics

Waar bevindt zich de frontlinie van de sociale strijd in de UK? En wat kan architectuur daar uitrichten?

Dat was de vraag van Alejandro Araveno, de Chileense curator van de vijftiende editie van de Architectuur Biënnale in Venetië. Het antwoord van het onder de vlag van British Council opererende team rond Self is kort en duidelijk:

de Britse droom van de (eigen) gezinswoning.

Het vasthouden aan de droom van het eigen huis en de ‘ verslaving’ aan het bezit daarvan, is volgens het team de kern van de huidige crisis in de huisvesting. ‘ Ontmasker de droom en je verandert de stad’, dat was ook de boodschap van The Buell Hypothesis over de Amerikaanse woningcrisis, die op illegale wijze tijdens de vorige Architectuur Biënnale door Reinhard Martin werd gelanceerd (zie mijn blog van 28 januari 2015: Wat is Architectuur (4)). Vandaag de dag vormen woningen de grootste component van het niet-financiële vermogen van de UK. Tegelijk is Engeland binnen Europa een van de landen met de hoogste economische en sociale ongelijkheid. Het aan huisvesting gelieerd economisch kapitaal is dus de eigenlijke frontlijn waar mensen de effecten van ongelijkheid aan den lijve ervaren. Wie nog niet overtuigd is van de maatschappelijke implicaties van de ongeremde accumulatie van economisch kapitaal via vastgoed en het huizenbezit in het Verenigd Koninkrijk en met name in London, van de sociale gevolgen daarvan voor de woning- en huizenmarkt en indirect ook voor ongecontroleerde processen van stedelijke ontwikkeling en gentrificatie, raad ik aan eens te kijken naar de data, statistieken, rapporten en vooral blogs en tweets op de website van Shelter, een landelijk netwerk voor informatie en dienstverlening op gebied van (sociale) huisvesting in de UK http://england.shelter.org.uk/professional_resources

 uk-housing-crisis-shelter-2015

‘Life is changing; we must design for it’ –

Wat de show in het Britse paviljoen – samen overigens met de even informatieve als prachtig vormgegeven catalogus – zo bijzonder maakt, is het frisse maar geenszins vrijblijvende optimisme waarmee over de schrijnende crisis in de UK wordt nagedacht. Er wordt niet geweeklaagd en er wordt ook niet met doemscenario’s gestrooid. Evenmin worden bezoekers gerustgesteld met creatieve en fantasierijke toekomstvisioenen. En met hoeveel liefde en respect er ook wordt gekeken naar de rijke traditie van de Britse volkshuisvestingspolitiek uit het pre-neoliberale tijdperk, een terugkeer naar wat ooit was en vandaag de dag systematisch is ontmanteld, is niet aan de orde.

Dat gemeentelijke sociale huisvesting op grote schaal in de eenentwintigste eeuw overigens geen utopie hoeft te zijn, laat het ‘Weense Model’ zien. Een meerderheid van de inwoners van Wenen woont op een of andere manier op kosten van de gemeente. Ruim 220.000 door Gemeentelijke Woningdienst gerealiseerde en beheerde woningen zorgen in combinatie met nog eens 200.000 gesubsidieerde nieuwbouwwoningen van woningbouwcorporaties dat de sociale huisvesting buiten de sfeer van speculatie is gebleven. En dat, ondanks de financiële en economische crisis – in tegenstelling tot het Verenigd Koninkrijk en Nederland – , tot nu geen enkele woning verkocht is aan een private partij. Meer informatie: ga naar: https://www.brandeins.de/archiv/2015/immobilien/wien-du-hast-es-besser

how-we-live-now-bella-depaulo-2015

Waar het Britse team nadrukkelijk wel naar verwijst zijn de snel veranderende rituelen van het dagelijks leven en huishouden en de reacties daarop vanuit het architectenvak, bouwbedrijf, overheden en commercie. Feitelijk is de hele show in de vijf kamers van het Britse paviljoen een reflectie over de paradox tussen de Angelsaksische droom van de eigen woning en, anderzijds, nieuwe arrangementen op gebied van werken, wonen en zich verplaatsen die  meer verwant lijken aan de omgang met de woning en huishoudelijk gedrag in het Europa van de Middeleeuwen.

Wereldwijd zijn en worden interessante vormen van gedeeld ruimtegebruik beproefd. Nieuwe combinaties van wonen en werken, al dan niet op maatschappijkritische grondslag. Huishoudens beperken zich allang niet meer tot de kern van ouders, kinderen en grootouders: tal van mensen gaan een stap verder en leven samen met vrienden en zelfs vreemden. Gedeeld ruimtegebruik heeft zich losgemaakt uit het alternatieve circuit en is een factor van betekenis aan het worden op de vastgoed- en woningmarkt via allerlei vormen van – vaak door lokale overheden gefaciliteerde – collectief en mede-opdrachtgeverschap. Als zodanig dragen die de belofte uit van een  ‘next economy’ en waren dan ook rijkgeschakeerd aanwezig op de Internationale Architectuur Biënnale van Rotterdam 2016.

Maar wat de Britten in hun Venetiaanse woning voorstellen is meer of in ieder geval anders dan de zoveelste (interessante) variant van publieke ontwikkeling en gedeeld ruimtegebruik. Dat legde Jack Self ook haarfijn uit in Rotterdam in een presentatie die op de website van IABR nog te beluisteren valt.

venice-arch-biennale-home-econmics-self-rotterdam

http://next.iabr.nl/the-next-economy-according-to-jack-self

 

Nieuwe manieren van projectontwikkeling:  Antwerpen

De vijf installaties in Venetië stellen – kort samengevat –  voor om de huidige huizencrisis in de UK te bestrijden met behulp van dezelfde (neoliberale) instituties en de financiële en administratieve instrumenten die haar hebben veroorzaakt en nog steeds in stand houden. Als platvorm voor experiment informeert de show het publiek hoe het zich zou kunnen bevrijden van een door het wonen en huizenbezit regiem van levenslange schuld in de vorm van hypotheken, huren en langlopende consumentenkredieten. Maar tegelijk doet het een klemmende oproep aan architecten het ontwerp te gebruiken als vorm van verzet door projecten te ontwikkelen die vastgoedlogica, financiële systemen en politiek-bestuurlijke regelgeving koppelen aan nieuwe vormen van collectieve programmering van (woon) gebouwen.

antwerpen-we-kopen-samen-den-oudaan

Deze programmatische aanpak en radicale voorstellen van Home Economics zijn alleszins vergelijkbaar met de werkwijze van het Antwerpse collectief dat zich sinds 2015 inzet voor het publiek ontwikkelen (restaureren en herinrichten), financieren en hergebruiken van Den Oudaan, een monumentaal torengebouw in het centrum van de stad. Op dit moment staat het gebouw (van de architect Renaat Braem) te koop. Om te voorkomen dat de toren door kapitaal gedreven oplossingen van de  gebruikelijke vastgoedprotocollen voor publieke functies verloren zou gaan, zoekt het collectief naar een alternatief  ontwikkelingsmodel gebaseerd op een corporatief gedachtegoed waarbij een zo groot mogelijke diversiteit aan mensen zowel als financierders als gebruikers wordt betrokken. Wordt ook geëxperimenteerd met vormen van co-financiering zoals crowdfunding of obligatieleningen waardoor De Oudaan ‘niet alleen de toren maar ook het spaarboekje van de Antwerpenaren wordt’.

Info: http://wekopendenoudaan.be

En dat is precies ook de richting waar de 5 speculatieve projecten van Jack Self c.s. in het Britse Paviljoen in Venetië naar op zoek zijn en concreet voorstelbaar proberen te maken.

Voor overzicht wat er in Nederland wel en/of niet gebeurt op gebied van publiek vastgoed, ga naar de initiatieven en publicaties van Marc van Leent waaronder het boek Publiek Vastgoed Analyses, concepten, voorbeelden (Trancity) op de website van Bouwen voor Sociaal (http://www.bouwstenenvoorsociaal.nl/wijkplaats/publicaties )

Hoe het Britse team zijn ambitieuze programma heeft aangepakt en wat daarvan uiteindelijk te zien is in Venetië, daarover gaat mijn volgende en laatste blog in deze reeks.

venice-biennale-home-economics-2

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht is geplaatst op 30 september 2016 door in Stadsgeschiedenis.
%d bloggers liken dit: