Urbanisatie & Stadscultuur

Ed Taverne

Een Tweegesprek in Tijden van Sprakeloosheid (4)

 

 

Wat er werkelijk gaande is in het huidige Rusland, geobserveerd door twee Oost-Europa historici: Irina Scherbakowa en Karl Schlögel

 

 Kiew Maidan

 

Karl Schlögel en ‘ de wildheid van de geschiedenis’

Irina Scherbakowa en Karl Schlögel hebben veel in Rusland meegemaakt en rond gereisd en daar ook veel over geschreven. Wat mij bij Schlögel als historicus fascineert is de bijna cineastische blik op de geschiedenis, de obsessie voor de context en setting van historische gebeurtenissen en gevoel voor timing door op het juiste moment op de juiste plek te zijn. Schlögel is ervan overtuigd dat de ogenblikervaring van een historische gebeurtenis, een historicus op scherp zet en opnieuw leert kijken. Dat ervoer hijzelf in de jaren zeventig en tachtig bij de gesprekken aan de Moskouse keukentafel met dissidenten, bij de wedergeboorte van de nieuwe intelligentsia in de jaren tachtig, en bij de historische gebeurtenissen ten tijden van perestrojka (hervorming) en glasnost (openheid),  zoals in Moskou in augustus 1991 toen hij zag hoe na de mislukte staatsgreep president Boris Jeltsin staande op een tank voor het Parlementsgebouw  alle ‘ Russische staatsburgers’ toesprak. Op een vergelijkbare manier heeft Schlögel recent ook de Oekraïne  ‘ontdekt’, een land dat in Duitsland tot 2014  over het algemeen beschouwd werd als een provincie van Rusland, de Sovjet Unie of het Russische Tsarenrijk met hybride steden als Kiev, Odessa en Charkov, maar zelden  als een zelfstandig land met eigen identiteit. Toen de eerste beelden van de schermutselingen op het Onafhankelijkheidsplein in Kiev verschenen, kon Schlögel net als indertijd bij de aanslagen in New York, zijn ogen niet geloven, vloog er naartoe om vervolgens ter plekke te constateren hoe uit een protestbeweging de ‘ Revolutie van de Waardigheid’  was ontstaan! De indrukken, verhalen en gesprekken in Kiev, te samen met die uit Donezk en andere bezette steden in Oost-Oekraïne, versterkten het besef dat historici – Schlögel zelf voorop – tot voor kort nauwelijks van de Oekraïne, als staat,  volk en natie, op de hoogte waren. ‘ Ik moet vaststellen’, schrijft hij, ‘ dat men zich een leven lang met Oost-Europa, met Rusland en de Sovjet-Unie kan bezighouden, zonder enige kennis van de Oekraïne. En ik ben niet de enige binnen mijn vakgebied.’ En dat geldt al helemaal voor de publieke media. Zelfs na een jaar vol reportages over oorlogshandelingen, kapotte steden en vluchtelingenstromen, is de (Duitse) televisie er niet in geslaagd om het land Oekraïne een gezicht te geven dat verder gaat dan de eindeloos herhaalde beelden van de Maidan protesten. Geen (historische) documentaires over Odessa of over de Donbass, de geschiedenis van het Kozakkendom. Geen reportages over Lemberg (Lviv) – ooit ‘ het multilinguïstische Habsburgse Babylon‘  –  of Czernowitz, ooit ‘ eine jüdische Stadt deutscher Sprache’ . De Oekraïne is en blijft nog steeds een blinde vlek op de kaart van Europa en dat terwijl naar alle waarschijnlijkheid de beslissing over de toekomst van het Oude Continent, in Kiev ligt.

Oekraine kaart 2014

 

‘ Homo Sovieticus’

De Euromaidan Revolutie, de strijd in Oost-Oekraïne en de crisis in de Europees (Duitse) Russische betrekkingen, zorgden voor een cesuur in de intellectuele biografie van Karl Schlögel als historicus. Hij doet daar een bewogen verslag van in de inleiding van het eind vorig jaar bijna overhaastig verschenen studie Entscheidung in Kiew met de fraaie ondertitel: Ukrainische Lektionen. In een later blog kom ik uitvoerig terug op deze historisch-topografische ‘ lezing’ van het land Oekraine, haar steden, landschappen en bewoners. Hier volsta ik met een verwijzing naar een interview met Schlögel als historicus te midden van de Informatie oorlog, van maart 2015: http://www.iwm.at/read-listen-watch/transit-online/ein-historiker-im-information-war-karl-schlogel-im-interview.

Het leven van Karl Schlögel als historicus kent meer cruciale ogenblikken en situaties waar de zekerheden over het onderwerp, de werkwijze en vooral ook de urgentie van het schrijven, serieus op de proef werden gesteld. ‘ Momente einer Denkreformation’ heeft SchIögel die ooit in een interview genoemd. In het tweegesprek met Irina Scherbakowa doet hij daar openhartig verslag van. Misschien was de meest ingrijpende cesuur die helemaal aan het  begin van zijn wetenschappelijke  loopbaan: de confrontatie van de radicale Duitse studentenbeweging –  waarbinnen  Schlögel meer dan actief  was – met de zogenaamde ‘zestigers’ uit de Oostblok landen, de dissidente intellectuelen van de zogenaamde ‘Tauwetter Generatie’.

Aly Gotz 1968

 

In de zeventiger jaren leerde Schlögel aan het Osteuropa-Institut, als filosofie- en later geschiedenisstudent, het Rusland van de  ‘andere kant van de Grote  Revolutie’ kennen. Dat van de  ‘revolte’ van de Russische intelligentsia in de nadagen van het Russische Keizerrijk, een heroïsche elite en hun niets ontziende strijd tegen de gevestigde orde en met name ook hun ‘ Gang ins Volk’. Het was een fascinatie binnen de  ‘achtenzestigers’ die dwars door de fracties van marxisten-leninisten, anarchisten, trotskisten en maoïsten heen liep, en maakte deel uit van een soort romantisch-nostalgische identificatie met internationale bevrijdingsbewegingen, bij voorkeur ver van de Duitse grens (Zuid-Amerika) maar ook ver weg van het eigen Duitse verleden. Voor Schlögel kwam daarbij een door een kleine groep generatiegenoten gedeelde, collectieve ervaring met dissidenten uit het Oostblok. Halverwege de jaren zeventig in de steden van de nieuwe diaspora: Parijs, Kopenhagen, London en München, en vanaf de jaren tachtig ook in Leningrad, Moskou en Praag. Dat waren, aldus Schlögel, meestal kinderen van zogenaamde ‘ slechte elementen’, van vijanden van het volk die of in de Gulag waren omgekomen of naar Kazachstan waren gedeporteerd en later naar Moskou waren teruggekomen. Gecompliceerde gesprekken en debatten met intellectuelen, wetenschappers en schrijvers, die het lukten om vrijwel iedereen te provoceren, niet alleen de eigen veiligheidsdiensten, maar bij voorkeur ook westerse intellectuelen en studenten met communistische sympathieën. Van hen leerden de rebelse activisten en maoïsten dat de ‘ weg naar de (communistische) hel geplaveid is met goede bedoelingen’ (Alexander Zinoviev). Een van de vroegste (1982) publicaties van Karl Schlögel, een onderzoek naar de waarde van clandestien gedrukte en uitgeven literaire werken (samizdat publicaties) voor de analyse van de samenleving in de Sovjet Unie, bevat een interview met Alexander Zinoview, wereldberoemde geleerde op het gebied van wiskundige logica, maar ook schilder, beeldhouwer en vooral: (satirisch) romancier. Het is een stroef gesprek dat draait om de tegenstelling tussen de theoretische grondslagen van het wetenschappelijk socialisme van Marx en Engels en de (gruwelijke) feitelijkheden van het reëel bestaande communisme in de Sovjet samenleving. In dit interview legt Zinoviev uit hoe en waarom hij afscheid heeft genomen van het ‘ spreken in ideeën’ (ideologie) en zich voortaan bezig houdt om,  met alle middelen die hem ter beschikking staan, de Sovjet Unie als klassiek model van de communistische samenleving, te begrijpen. De beschrijving van de samenleving is, aldus Zinoviev, niet het exclusief privilege van de wetenschap, literatuur bijvoorbeeld is daar ook toe in staat. Een overtuiging die hem duur is komen te staan: in 1976 verscheen zijn satirische roman Gapende Hoogten in Zwitserland, waarna hij direct van al zijn officiële functies werd ontheven en uiteindelijk twee jaar later (gedwongen) naar Duitsland emigreerde. Voor info over Zinoviev ga naar: http://www.zeithistorische-forschungen.de/3-2014/id%3D5154

Zinov'ev Homo Sovieticus Bauer_Abb_02_2

 

In zijn gesprek met Irina Scherbakowa zegt Schlögel: ‘ Ik weet dat het moeilijk is om achteraf en vanuit de verte de eigen levensloop objectief te interpreteren, maar ik geloof werkelijk dat de ontmoetingen indertijd met deze geëngageerde, moedige en en vaak ook idiote, maar altijd interessante mensen is geweest, die mij de ogen hebben geopend, en mijn blik op Rusland, de mensen en hun lot, hebben veranderd.

Oord van het ‘ wilde denken’

Hoe beschrijf je een samenleving die gedreven wordt door de toekomst en waar geschiedenis is afgeschaft? En hoe schakel je, als westerse waarnemer, de gangbare vooroordelen en associaties uit, als je op zoek bent naar het grondplan en leven van een stad als Moskou in de nadagen van de Koude Oorlog? Dan zijn bestaande stadsgeschiedenissen, reisgidsen en reisverslagen, ook die van westerse intellectuelen – van Walter Benjamin tot Jean-Paul Sartre – weliswaar van waarde maar ook zicht benemend. In 1984 verscheen Moskau lesen. Die Stadt als Buch waarin Karl Schlögel een literaire oplossing uitprobeert voor het dilemma tussen weten en kijken en kiest voor een (stads)archeologische aanpak. Hij graaft zich diep in de huid van de stad en maakt kennis met stationsgebouwen, musea, affiches, woontorens, advertenties, telefoon- en adresboeken, net zolang totdat de stad en haar bewoners, hun weerstand en stugheid verliezen en kennis over de werkelijkheid van hun bestaan prijsgeven.

In volstrekte tegenstelling tot de sfeer in Duitsland na de ‘ Wende’ in 1989 – die min of meer werd beleefd als een ‘ nachholende Revolution’ waarvoor de reacties, antwoorden, modellen en scenario’s allang op de plank lagen -, betekenden de jaren van perestrojka en glasnost en daarna die van het uiteenvallen van het Sovjet imperium, voor Rusland zowel een catastrofe als bevrijding. Een waar vacuüm waar alles instroomde wat er op dat moment op de geestelijke en intellectuele markt te koop was. ‘Rusland was’, aldus Schlögel, ‘ in de jaren tachtig en negentig voor mij een oord van het ‘ wilde denken’. Mensen die in die jaren niet in Moskou of Leningrad/St. Petersburg erbij waren, kunnen zich niet voorstellen  wat daar allemaal bij elkaar kwam. Het was een situatie die helemaal open was, waarin inspiratie en mythevorming, innovatie en regressie hand in hand gingen, zowel in intellectueel, esthetisch als literair opzicht. Men leefde in een werkelijkheid waar men niet op was voorbereid en waarin het algemene besef van radeloosheid niet ervaren werd als schande maar eerder als teken van zelfverzekerdheid. Het is in die revolutionaire sfeer waarin de Russische samenleving probeerde de crisis te beheersen via allerlei vormen van zelforganisatie en geïmproviseerde arrangementen, dat de historicus Schlögel niet alleen zijn belangrijkste (stads) historische boeken over Oost-Europa en vooral Rusland (en de Duits-Russische-Sovjet verhoudingen) schrijft, maar tegelijk ook overtuigd raakt van het vermogen van het Russische volk om, zelfs in de moeilijkste tijden, in balans te blijven en niet af te glijden in burgeroorlog-achtige toestanden. Een zekere vorm van optimisme dat hem, zo moet hij tegenover Irina Scherbakowa bekennen, blind gemaakt heeft voor de ernst van de schermutselingen aan de periferie: in Tsjetsjenië en later ook in Georgië, die achteraf gezien de voortekens waren een ontwikkeling die op dit moment plaats vindt met de oorlog in Oekraïne.

Schloegel moskau-lesen-verwandlungen

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht is geplaatst op 16 januari 2016 door in Stadsgeschiedenis.
%d bloggers liken dit: